Het zit in het DNA….

“Wat zou ik het leuk vinden om eens bij jou te kijken hoe jij het allemaal doet, het is zo’n mooi vak!” de woorden van een dame met belangstelling, naar eigen zeggen idolaat van Mode. Regelmatig krijg ik vragen, verzoeken, liefhebbers die ook wel eens een kledingstuk naaien. Coupeuses in spé, nog volop bezig met hun opleiding waar ze het nodige leren. Stagiaires die gek zijn op kleding en daar ‘iets mee willen’. Écht maatwerk, blijkbaar prikkelt het.

Ik vind het best lastig. Natuurlijk laat ik graag zien wat ik maak. Vertellen over mijn werkwijze en of het een moeilijk vak is. Het is inderdaad geen makkelijk vak, er komt heel wat bij kijken. De kennis van stoffen met de eigenschappen en valling, hoe het draagt en voor welke model het geschikt is. Verder de manieren van verwerken, de ene wollen stof is de andere niet. Zijde, katoen en linnen zijn er in verschillende soorten te vinden, van stevig tot flinterdun. Het aansluiten van dessins en het symmetrisch verwerken van ruiten en opvallende strepen. En hoe zit dat met verschillende lichaamsvormen en persoonlijkheden van klanten; waarom ‘werkt’ de ene stof wel en de andere niet? Het vooraf inschatten van het effect van kleur en dessins bij de drager en rekening houdend met de gelegenheden waar het gedragen wordt. Ervaringen waar ik jaren over heb gedaan om dat te verzamelen. Dat is wat anders dan een gewoon zwart jurkje maken…..

Momenteel studeert de eerste lichting af op de Meesteropleiding Coupeur in Amsterdam, een groep leerlingen die volop in de belangstelling staat. Volgens eigen zeggen zit de modebranche te springen om deze goed opgeleide vakmensen. Diverse ROC’s leiden verschillende jongeren op al is dat een ander niveau. Ik zie dat er weer wordt nagedacht over het afstemmen van het aanbod van leerlingen en de vraag van het bedrijfsleven. Nu alleen nog de docenten vinden die hun praktijk zo kunnen overbrengen dat de leerlingen het oppakken. Deze kennis mag vooral op waarde worden geschat in de vorm van een passend salaris. Kinderen waarvan sommige ouders hun geen strobreed in de weg hebben gelegd voorbereiden op de modewereld waar hard gewerkt wordt. De nadruk die wordt gelegd op het rugzakje van de leerlingen in plaats van ze klaar te maken voor de arbeidsmarkt waar een werkgever behalve de loonbetaling ook diverse sociale verzekeringen dient af te sluiten.

Naast deze opleidingen zijn er ook diverse andere particuliere scholen die avondopleidingen verzorgen om de stappen in dit vak te zetten. Volgens een tekensysteem kunnen mensen leren patronen te maken en aan de hand van een zelfgemaakt werkboek met naaionderdelen ook kledingstukken maken. Onlangs heb ik een coupeuse ontmoet die op basis van naaionderdelen en een examenkledingstuk is geslaagd. Waarom wordt er niet tijdens die opleiding gekozen om diverse kleren te maken in verschillende kwaliteitsniveaus? Misschien is het leerplan erg krap ingedeeld qua tijd. Of heeft het te maken met een bereidheid tot onderzoek, de tijd voor het experiment en de lat hoger willen leggen; het niet zo snel tevreden willen zijn. Dat zou een mooie reactie zijn op de ‘zesjescultuur’.  De onlangs overleden Louise Wilson refereert in een interview aan het gebrek aan kennis en de gemakzuchtigheid. Een gemiste kans van de lerares die haar trucje doorgeeft in plaats van inzicht te creëren voor de mensen die ze het werkveld in stuurt.

Ik ken het verhaal van een collega die na zijn ontdekkingstocht met vilt, stof en breiwol de naaimachine van zijn moeder al op zijn 12e gebruikte. Winkelen met zijn tante om te kijken naar mooie kleren voor anderen, mooie modebladen, de stoffenwinkel in de stad waar hij studeerde, de warenhuizen. Groei van zijn kennis en blikveld. Patronenbladen, creatieve tijdschriften, niets was veilig voor hem, alles werd uitgeplozen. De honger naar kennis over buitenlandse ontwerpers en grote kunstenaars was nooit voldoende. Stoffen werden gekocht en een aantal kledingstukken gemaakt; niet alles was toen al even mooi maar het experiment maakte hem wijzer. Pas later een opleiding volgend in zijn vakgebied kwam nog meer inzicht. Al zat het niet in zijn opvoeding, toch werd het onderdeel van zijn DNA. Zonder dit vak kan hij niet functioneren, het is zijn leven.

“Mode is zó leuk, één grote wereld van glamour”, aldus een meisje van 18 jaar jong. Ze zat bij mij aan tafel samen met haar bezorgde moeder, heroverwegend welke richting ze moest kiezen om haar brood te verdienen. Het beeld wat geschetst wordt gaat meestal over modeshows en glamour, de buitenkant. Die show duurt soms een kwartier of bijna een uur. Er wordt vaak vergeten dat er een paar maanden werk en voorbereiding aan vooraf is gegaan. De studie naar details, verwerkingstechnieken en stoffen. Hoe het zo strak mogelijk gemaakt te krijgen met af en toe lastige materialen die je niet eerder hebt verwerkt. Dat vereist kennis, geduld en doorzettingsvermogen. Net als voor de klant die toch dat pak perse aan moet voor dat speciale moment; het betekent een korte nacht en geen avondje op de bank thuis. Ik denk zelf dat juist de lat hoger leggen en die gedrevenheid mensen verder brengt; passie voor elk vak stopt niet vrijdagmiddag om half 5. Al is het een gevaar om eeuwig door te gaan: je doet dit er niet zomaar eventjes bij. Het DNA staat nooit uit.

 

 

Laat wat van je horen

*